Leo Olierook Fishing Adventures

    Homepage || Meerval specials|| Pelletvissen op de meerval in Spanje aan de Ebro (deel 2)
 

    
 
Pelletvissen op de meerval in Spanje aan de Ebro (deel 2)


Eigenlijk waren Nick en ik ook blij, dat we de boot van Rinus te leen hebben gekregen, want de boot die Rinus bij Anton heeft opgehaald had wel een opknapbeurt nodig.
Hij was niet alleen wat langzamer, alhoewel je helemaal geen snelheid nodig hebt op de Ebro, maar de boot van Anton bleek nog lek te zijn bovendien.



Het water sijpelde sneller naar binnen dan de doorbraak van de dam in Wilnis een paar jaar geleden en moet nodig gerepareerd worden.
Onder de achterbank zat beweging in de bodemplaten, die met popnagels aan elkaar verbonden waren.
Als je je gewicht een beetje verdeelde, dan liep de boot langzaam maar zeker vol.
Af en toe moest er echt gehoosd worden, anders werden de hengelspullen ook onnodig nat.
Het was Rolf, die een felle aanbeet van karper kreeg.



De top van zijn meervalhengel boog blij van bovenmaats geluk en kraakte van louter plezier.
Het geluid van de slip op de molen zwol aan tot hoge decibellen, want de ongeveer 13 á 14 kilo zware schubkarper had helemaal geen zin om op de kant te komen en zwom als een bezetene naar dieper water.

Rolf moest alle zeilen bijzetten om de karper naar zich toe te krijgen en fatsoenlijk te landen, want een Ebro karper is sterk ondanks zijn geschatte gewicht.



De karper werd met een groot nieuw karpernet van Maarten geschept en die vond het weer een kick, dat zijn nieuwe net eindelijk een vis in de fijne mazen vast mocht houden.
Ingewijd, wist hij ons te vertellen en hij keek blij, maar keek ook een beetje meewarig naar het slijm wat zich in het gaas van het net had vastgezet.

Nick wist als karpervisser hoe je een net van slijm kon schoon krijgen en vertelde aan Rolf hoe hij dat moest doen.



Ik kreeg vandaag een loei van een aanbeet en de lijn scheurde van mijn spoel en na aangeslagen te hebben voelde ik een enorme weerstand en mijn hart maakte een vreugde sprongetje.
Maar de haak met pellets schoot los uit de bek van een vis.
Later realiseerde ik mij, dat er misschien een karper de rij (4 in de lengte) pellets in de bek had genomen, zonder dat de haak ook ingezogen was.

Dat waren de aanbeten van vandaag en nadat we rond de markers in het water weer een flink aantal pellets hadden gestrooid, voeren we terug naar de trailerhelling.
Vlak voor ons vertrek stuurde ik een sms-je naar Roxanne, dat we er aan kwamen.



Rinus rijdt dan van zijn huis met de auto en trailer naar de trailerhelling en staat dan op ons te wachten als we aankomen.
Hij moet deze rit twee keer doen omdat de tweede boot ook op een andere trailer naar zijn huis moest worden vervoerd.

Rinus vindt dit geen probleem en dat hoort bij de service, maar toen vorig jaar het water van de Ebro 15 tot 17 meter lager stond, moest hij zijn gasten 30 km verderop brengen om daar te kunnen traileren en dan rijdt je per dag 120 km voor je gasten heen en weer en dat breekt je toch wel op.



De frustratie van een enkeling van ons ploegje meervalvissers was op de volgende dag, de woensdag, enigszins voelbaar.
We hebben weer bij de markers in het water de Halibut pellets gevoerd en ik wist van de vorige keren aan de Ebro, dat vandaag de doorbraak kon komen en er grotere of meerdere meervallen op de kant konden komen.

De onderlijnen met stenen aan de postelastieken en het aas werden uitgevaren en weer met een extra schep pellets gedropt naast de markers.
Ik zat weer op mijn plek achter mijn hengels, met de paraplu vast geopend tegen de naderende brandende zon.




De temperatuur werd weer moordend en gelukkig was de windkracht minder dan gisteren.
Een van mijn hengels schudde heen en weer en de top ervan boog met een diep respect richting de gehaakte vis en het droge geluid van een stel slipschijven van de molen bereikte mijn oren.

Na het snel opnemen van de meervalhengel van de steun, sloeg ik nog extra hard aan om de haak goed te zetten.
Zou die nu echt vast zitten, riep Nick op een sarcastische toon tegen mij.



Toen gebeurde waar ik op had gehoopt.
Ik werd bijna van mijn sokken getrokken en mijn voeten uit mijn werkschoenen en mijn lijf van 110 kilo schoof over de rollende stenen, die langs de oever van de Ebro liggen bezaaid, dus moest ik mijn hakken in het losse grind plaatsen.

De meerval aan de andere kant van de hengel trok zo hard aan de haak aan de hoofdlijn, dat mijn volledig dichtgedraaide slip op mijn Black Cat meervalmolen als vanzelf ging lopen en de slip geheel niet adequaat kon reageren op dit tomeloze geweld.



De slip van de molen schreeuwde het uit en kreet als een noodsein en een S.O.S. bericht bereikte mijn oren.
Tandenknarsend bleef de spoel de hoofdlijn af te geven en ik kon daar niets aan veranderen.
Ik heb dit al eerder meegemaakt met een meerval van 2.05 en 2.10 mtr en naar mijn gevoel kon deze meerval deze lengte en gewicht best wel halen.

Bij elke pompbeweging kon ik een paar meter hoofdlijn binnen krijgen, maar de zwaar tegenspartelende meerval trok deze lijnwinst er telkens weer vanaf om nog meer meters mee te nemen en mij daar te kijk zette door zijn enorme domme krachten te tonen.



Ik keek naar de mannen om mij heen en bleef gewoon tegenstand bieden, maar ik draaide niet meer aan de slinger van mijn molen.
Het enige wat ik deed, was de hengel vasthouden met beide handen, met mijn lichaam achterover gebogen om volledig weerstand te bieden, maar de spoel van de verhitte molen verloor nog steeds lijn aan dit brute getrek en toen was ik het na een tiental minuten goed zat.

Ik begon op hoog tempo systematisch te pompen en draaide de uitstaande gevlochten lijn naar binnen.



Mijn rechterarm voelde ik na een paar minuten enigszins verzuren en de brandstof in mijn spieren raakte op.
Met mijn linkerarm hield ik de meervalhengel tegen mijn borst aangedrukt en liet de verzuurde rechterarm even naar beneden hangen om nieuwe energie op te doen via mijn verdikte aderen.

Het pompen begon weer opnieuw en de meerval kon niet anders dan volgen.
Hij werd moe van het strijden en ik ook, want ik begon het te merken aan mijn ademhaling en droge mond.
Daar kwam hij richting de mat en de behulpzame handen van Rolf trokken hem verder de mat op.



Er kwam geen eind aan zijn lengte en Nick kwam met een rolmaat aanlopen en nam pijnlijk precies de lengtemaat van de meerval op.
Wat was je persoonlijk record Leo, vroeg hij kordaat en Rinus keek over zijn schouder mee.
2.10 meter, zei ik, nog naar adem hijgend.
Dan heb je je PR met 10 cm verbeterd, want hij is 2.20 mtr lang.

Mijn hart vergat even te kloppen en ik begon te gloeien over mijn hele lichaam.
Hoera, schreeuwde ik geluidloos, want dat had ik niet verwacht.
Ik probeerde samen met Rolf de kop en het lichaam van de meerval op te tillen en deze handeling benam mij volkomen de adem, want eenzijdig tillen van een zwaar lichaam kan mijn lichaam niet meer aan na mijn openhartoperatie en dat was ik even vergeten.



Het grote dier keek mij aan en wist dat het de strijd had verloren en ik wilde nog een paar foto’s van deze geweldige sterke meerval voor ik hem los zou laten.
Rinus bleef maar foto’s maken met mijn fototoestel, want ook hij was net als de anderen onder de indruk van deze imposante verschijning.

Nu was het echt tijd om hem terug te geven aan de rivier de Ebro en langzaam liet ik hem van de gladde mat naar beneden glijden en een beetje gedesoriënteerd bleef de meerval in het water op zijn zijde liggen, maar al snel kreeg de grote staart de zwemslag weer te pakken en weg was het grote monster van Loch Ebro.



De inspanning eiste even zijn tol en ik moest langer herstellen en goed op adem komen, dan voorheen, maar ondanks de zorgelijke blikken van de mannen om mij heen, waste ik mijn handen en ontdeed het meervalslijm van mijn broek, shirt en schoenen.
In mijn karperstoel was ik vrij snel hersteld, maar ik bleef toch nog even zitten en iets later maakte ik de hengel klaar om hem weer uit te laten varen.
Ik schat hem zo’n 65 kilo, wist Rinus mij te vertellen en ik geloofde hem, want ik heb de oerkrachten van deze meerval gevoeld en vond het gewicht op dat moment iets minder belangrijk dan de overweldigende lengte.

Rinus miste vandaag 3 aanbeten van volle fluiters via zijn beetverklikkers en de rest van de mannen konden geen enkele aanbeet krijgen.



Nick zat nu in een aankomende dip en vertelde aan mij en later aan Rinus, dat als hij de volgende dag ook niets zou vangen, hij niet meer zou deelnemen aan deze vissessie.
Dat ontlokte natuurlijk protesten door mij en Rinus en later ook van Maarten en het bleek na een goed gesprek, dat Nick geen enkele invloed uit kon oefenen op de meerval, zoals hij bij het vissen op karper gewend is.

Dan kun je een rig aanpassen, met pop-ups werken en nog veel truckjes uithalen om karper op de mat te krijgen, maar het vangen van een meerval kon hij op geen enkele wijze beďnvloeden in zijn optiek.



Het is een paar pellets aan de hair van je haak bevestigen, op een plek deponeren waar je vis verwacht, schep extra pellets er op en wachten op een aanbeet, was zijn redenatie.

Het probleem leek uit de hand te lopen en ik nam mij voor om de eerste de beste aanbeet aan mijn hengel, de hengel met vis aan Nick te geven om de vis door hem af te laten drillen.
Toen ik dat voornemen besprak met Maarten bleek hij ook met hetzelfde idee rond te lopen.
Het zou Nick uit de dip kunnen halen, als hij maar een keer een meerval af kon drillen.
Donderdag ging het er iets beter aan toe.



Rinus had een paar dagen uitgetrokken om mee te vissen en zat iets verder naar links met zijn karperhengels en Maarten wilde graag naast hem zitten en hij vroeg aan Nick of hij zijn oude plaats bij ons (Rolf en ik) wilde bezetten.
De bedoeling was, dat Maarten en Rinus de nacht door zouden vissen en dan konden zij de gekozen plek links van ons alvast in gereedheid brengen.

Met nog het voornemen om Nick een meerval te laten drillen, hoopte ik op een snelle aanbeet, maar Maarten kreeg eerder een aanbeet dan ik en hij riep hard de naam van Nick of hij even snel met zijn vechtgordel naar hem toe wilde komen .
De hengel van Maarten werd in de verbouwereerde handen van Nick geduwd, de vechtgordel omgegespt en Nick was aan het drillen voor hij er erg in had wat er eigenlijk gaande was.



De slip van de molen snorde als een naaimachientje en draaide overuren.
Nick moest zich telkens staande houden door het geweld van deze krachtige vissoort en weddenschappen gingen in het rond, hoe groot de meerval wel zou zijn.
De top van de meervalhengel boog telkens van louter plezier en overgave en de strijd duurde maar voort.

De Ebro gaf Nick een meerval van 1.85 mtr cadeau, na een zeer moeizame strijd, want Nick kreeg het pas na twintig minuten voor elkaar om de meerval te landen en de lach op zijn gezicht was de rest van de week er niet meer van af te poetsen.

Toen Maarten mij even later passeerde, knipoogde hij naar mij en wij wisselden blikken van verstandhouding terwijl ik mijn duim opstak ter voldoening.



De toon was gezet en vol goede moed gingen we verder.
Het was 36 graden in de schaduw en mijn thermometer, die ik even in de zon had gelegd, wees meer dan 50 graden Celsius aan en stond op het punt uit elkaar te spatten.
De wind was gedraaid en onze plek kreeg praktisch geen wind meer, waardoor we het gevoel kregen dat we in een grote oven van een crematorium zaten te vissen.

Ik kan mij de hogere temperaturen in de maanden juli en augustus best wel voorstellen, maar dan eindig je aan het einde van de dag in een grote gesmolten vetvlek.



Insmeren met zonnebrandcreme was nu een vereiste, want de hitte van de zon liet je blote vellen sneller verbranden, dan per ongeluk een omgekeerde aangestoken gloeiende sigaar tegen je lippen aan.
Ik zat te puffen in mijn stoel en zelfs het pakken van een koud blikje limonade uit de meegekregen koelbox, die iets verderop stond, was een een regelrechte zweterige rampenplan.



Het vervolg van dit avontuur leest u in deel 3

 
naar boven
 

© Leo Olierook Sportsfishing Adventures 2008-2012

  Webdesign by Theo J. de Wit

Google Sitemap Generator