Leo Olierook Fishing Adventures

    Homepage || Leo vertelt|| Leo vertelt nr 63 (Zijn de snoekbaarzen het rubber zat?)
 

    
 
Leo vertelt nr 63 (Zijn de snoekbaarzen het rubber zat?)


De laatste verticaalsessies op de snoekbaars, zijn eigenlijk dramatisch en onthutsend, ontstellend en aangrijpend verlopen voor mij en een aantal van mijn vismaten.
De hoeveelheden aan gevangen snoekbaarzen op de grote rivieren, plassen en meren met de bekende visimitaties, de zogenaamde rubberen gegoten visjes, shads genaamd, zijn de laatste tijd rampzalig laag in aantal.



Wat is er aan de hand?
Hoewel de shads steeds aantrekkelijker en attractiever worden gemaakt en zelfs van dichtbij bijna niet van een echt en authentiek visje is te onderscheiden en daarmee eigenlijk het volmaakte aasvisje voor de snoekbaarzen is, worden we niet vrolijk en opgewekt van de vangstresultaten.

Ze zien er niet alleen als een echt visje uit, maar hebben ook de zwemeigenschappen van een aasvisje en door manipulatie aan de verticaalhengel kan een shad zelfs een gewond of geblesseerd visje nabootsen of imiteren.



Zijn de snoekbaarzen het rubber zat?
Trappen ze niet meer in deze nabootsingen of ruiken ze de onmiskenbare flagrante en aperte geur van rubber en/of andere componenten en elementen van de imitatievis?
Moeten we de shads misschien en wellicht injecteren met geurstoffen, oliŽn of andere aantrekkelijke en aanlokkelijke feromonen om ze te bewegen het imitatie aasvisje aan te vallen.

Bananen geven het feromoon etheen af tijdens het rijpen waardoor bananen in hun nabije omgeving ook beginnen te rijpen.
Bepaalde grassoorten geven het feromoon propeen af als ze aangevreten worden door grazers , waardoor grassen in hun omgeving afweerstoffen beginnen te produceren tegen de planteneters.



Misschien moeten de fabrikanten een agressieferomoon als signaalmolecuul of signaalstof aan de shads toevoegen, waardoor de snoekbaars een niet te onderdrukken neiging of aandrift krijgt om de shad aan te vallen.
Misschien worden we door de fabrikanten in slaap gesust, dom en achterlijk gehouden, want zeg nou zelf, kan een stukje rubber in de vorm van een visje een echt visje als aas overtreffen?

Nee dus.
De overheid heeft het bekeuringbeleid op het vissen op roofvis met een levend visje niet voor niets zo duur gemaakt.
Gaat het nu echt om het aanbieden van een levend visje aan een roofvis of is het beleid er op gericht om de vangsten van snoekbaars te decimeren voor Jan met de pet om vooral de snoekbaarsvangsten over te laten aan het beroeps.



Weegt het lijden van een gehaakte aasvis, wachtend op zijn predator, een stuk zwaarder als een snoekbaars, gevangen in een staand want die zich in zijn radeloosheid vastgeketend heeft in de mazen van het net en daar pas na een paar dagen uit wordt bevrijd.

De overheid denkt, maak de sportvisser zich maar bewust van het leed wat een aasvisje overkomt, als nu aan de sportvisser de opdracht wordt gegeven om dat visje eerst te doden voor hij hem aan een roofvis aanbiedt.
Ze geven daarmee een vrijbrief om vissen dood te maken naar eigen inzicht van de visser en vertellen je ook gelijk in een zin, dat je een gevangen vis met natte handen moet onthaken om ze vervolgens te laten doodmaken door dezelfde visser om als aasvis te dienen.



Zelfs een dood aasvisje vangt meer dan een aangeboden rubberen shad, dus waarom zouden we eigenlijk nog rubber aankopen voor te verticalen en storten we ons eigenlijk niet op het kopen van dode aasvisjes of beter, laten wij ze zelf vangen.
Een bloeiende (bloedende) markt weliswaar maar naar alle waarschijnlijkheid en naar het zich laat aanzien, zijn de vangsten aan snoekbaarzen met dode aasvis veel talrijker, effectiever en doeltreffender dan rubber.






 
naar boven
 

© Leo Olierook Sportsfishing Adventures 2008-2012

  Webdesign by Theo J. de Wit

Google Sitemap Generator