Leo Olierook Fishing Adventures

    Homepage || Witvisverhalen|| De Boswetering, een hernieuwde kennismaking (35 voorns)
 

    
 
De Boswetering, een hernieuwde kennismaking (35 voorns)


Vorige week was Raymond Hendriks, zijn vader en een vriend na vele jaren weer eens aan de wetering aan de Bosweg te vinden.
Als rasechte Hagenezen uit de Jacob Catsstraat, op een later tijdstip verhuisd naar andere delen van het land, kwamen Raymond met zijn broers en zijn vader al vele decennia bij Piet Groeneveld om te vissen.



Krijg je een tik van nostalgische gevoelens te pakken, dan moet je daar gewoon aan toe geven en Raymond, maar ook zijn vader wilden weer een keer vissen aan het water wat hun zo dierbaar is geweest.

Na een rit van twee uur kwamen ze rond 06.00 uur aan, haalden de bestelde vergunningen op bij de brugwachter (via een afspraak) en trokken diverse brasems en blieken uit de wetering of ze nooit weg waren geweest.



Jammer, dat alleen in de ochtenduren de vissen bereidt waren om zich te laten vangen, want slechts met mondjesmaat kwam er af en toe een vis op de kant.
Zal wel aan het koude weer liggen, wist zijn vader te vertellen.

Een paar dagen later ben ik zelf een paar uur naar de Wetering aan de Bosweg geweest, want met een jaarvergunning op zak, kan ik elk moment aanschuiven.



Er scheen een warm zonnetje en de wind was matig, maar wat belangrijker was, ik zag spelende voorns aan de overkant, die af en toe uiteengejaagd werden door een snoek of baars.

Ik ging strategisch op een plek zitten, waar ik tegenover een doorgang naar een plas zat, die het gebied rijk is maar je niet meer mag komen.
In de kom en doorgang aan de overkant, was er voldoende leven te bespeuren en weldra plonsde mijn rijk gevulde voerkorf tussen het spelend grut.
Aan de lange onderlijn zat een klein haakje maat 20, met twee kleine maden (pinkies), die ik van Raymond en zijn vader heb gekregen, toen ze waren gestopt met de vissessie van een paar dagen geleden.



De eerste voorn hing direct aan de kleine scherpe haak, toen de maden door de voerkorf naar de bodem werd getrokken.
De maden kregen niet eens de tijd om te verzuipen, zullen we maar zeggen.

Met grote regelmaat werden de ingeworpen maden aan de haak opnieuw aangevallen en ik had het er maar druk mee om de voorns van de haak te halen.



Goed, het waren geen kneiters van voorns, meer het spul waar je zoontje als beginnend visser helemaal gek van plezier van wordt, maar ik had er schik in dat ik elke paar minuten een voorn van de haak mocht onthaken.

Die gulzige rakkers zogen in een oogwenk de maden leeg en door hun driestheid vergaten ze gewoon de vlijmscherpe haak waar de maden aan geprikt waren.



Jammer dat de plompenbladeren nog niet volgroeid zijn en de weelderige plantengroei aan de randen van de wetering in het beginstadia van hun pracht bevinden, maar nog een paar mooie zonnige dagen en de wetering toont dan een heel ander beeld.

De ruisvoorns weten het al, die dartelen de aankomende zomer in en spelen met elkaar tussen de waterplanten en de ontluikende groene rietstengels in het heldere water.
De volgende ruisvoorn haakte zichzelf in zijn onbesuisdheid om de maden van de haak te stelen, voor een ander soortgenootje dat deed.



Wat een rust straalt deze plek toch uit.
Nu kom ik er al zoveel jaar, maar dit stukje, op een steenworp afstand van de rest van de wereld, doet je innerlijk goed en geeft je weer volop energie.

Waarschijnlijk heeft Raymond dat zo gemist en de drang om dat weer eens te voelen, heeft hem doen besluiten om een wereldreis van 200 km te maken om weer eens de sfeer van een ver verleden op te snuiven en straks zijn kinderen er ook kennis mee te laten maken.



Inmiddels had ik voorn nummer twintig van de haak gehaald en prikte weer een paar maden op de kleine haak.
Het weinige voer voor de voerkorf, wat ik had aangemaakt, raakte op en ik besloot om nog wat aan te maken, aangezien ik altijd een emmer met droog samengesteld voer in de auto heb staan.

Met een sierlijke worp, kwam de voerkorf en beaasde haak steeds op dezelfde afstand in de doorgang in het water terecht.
Door de hoofdlijn op de clip van de spoel vast te maken, werp je nauwkeurig en precies op de plek die je voor ogen hebt.



Enkele wandelende dames bleven even staan, toen ik na een kromme hengel een voorn onthaakte en in het water wierp.
Na deze handeling liepen ze groetend door en vervolgden hun weg.
De ruisvoorns bleven honger houden en de voerplekjes op de bodem van de Boswetering werden door vele vissen bezocht, behalve door vette brasems, want die kon ik maar niet aan de haak krijgen.

ís Morgens en ís avonds is de beste tijd voor de brasems en zeelten, want die laten zich in het algemeen niet op de dag zien.
Natuurlijk hangt er af en toe een aan de haak, maar minder op zonnige dagen, dan op bewolkte warme zomerdagen met veel waterplanten in het water.



De wind ging een beetje opsteken.
Een paar keer gooide ik mijn onderlijn in de knoop om de voerkorf heen en dat werd veroorzaakt door de schuine harde windvlagen vanaf de overkant.

Ik merkte dat direct, want de aanbeten bleven dan uit.
Ik halveerde de lengte van de onderlijn uit het pakje van tien en dat scheelde aanmerkelijk, want van de vijf worpen, zat er slechts een in de war tijdens het gooien.



Na 35 gevangen voorns had ik het gezien en begon met mijn hengelspullen in te pakken.
Het opnieuw aangemaakte voer was toch al zo goed als op en mijn maag had het seintje gegeven, dat hij gevuld moest worden.

Vandaag heb ik ook weer kennis gemaakt met de schoonheid van dit gebied en zijn onderwater bewoners.
Kleine zilverkleurige visjes sprongen vlak voor mijn neus als een waaier uiteen, toen een baars jacht maakte op een van hun soortgenoten en nadat ik gecontroleerd had of ik wel alles netjes had achtergelaten, stapte ik in mijn auto en reed vergenoegd naar huis.





 
naar boven
 

© Leo Olierook Sportsfishing Adventures 2008-2012

  Webdesign by Theo J. de Wit

Google Sitemap Generator