Leo Olierook Fishing Adventures

    Homepage || Roofvisverhalen|| Bij elke ruk stroomt de adrenaline rijk in mijn aderen. 29 st
 

    
 
Bij elke ruk stroomt de adrenaline rijk in mijn aderen. 29 st


Het diepste punt van Het IJ is iets meer dan 13 meter en als daar een snoekbaars wordt gehaakt, dan heb je kans dat ze na het onthaken en retournatie in het water, het niet overleven.
Je ziet de snoekbaarzen van andere vissers weleens krampachtige pogingen doen om weer naar de diepte te zwemmen en soms lukt dat en soms niet.
De rovers drijven dan op hun rug en worden vrijwel direct aangepikt door meeuwen, terwijl de stroming ze meevoeren naar andere gedeelten van Het IJ.



Vaak is de oorzaak het te snel ophalen uit de diepte waar ze gehaakt zijn en waardoor hun zwemblaas zodanig opzwelt en door de inwendige druk de binnenkant van de maag en slokdarm uit de bek laat steken en je aankijken met bolle ogen.

We hebben dat allemaal wel eens meegemaakt en sommigen prikken de opgeblazen airbag lek zodat de snoekbaars de bodem weer zou kunnen bereiken en niet hulpeloos aan de oppervlakte blijft drijven en dan een zekere dood tegemoet gaat.
Is dat echter de juiste oplossing?



Gelukkig mijden vele roofvissers deze diepten en vissen tot ongeveer de magische grens van tien tot maximaal elf (10-11) meter, zodat elke gevangen vis na het onthaken weer veilig naar de bodem terug kan zwemmen.

Soms ontkom je er niet aan als een rover vanuit een dieper punt in de bodem (kuil of talud) het aas te pakken krijgt en je alsnog met deze vervelende zaken wordt geconfronteerd.
Wij hebben dat ook meegemaakt als de snoekbaarzen bij een schuin talud liggen te wachten op een voorbij zwemmende aasvis en met een snel schot vanuit de diepte het aas pakt.



Vorige week zondag zagen wij op Het IJ ook weer een paar snoekbaarzen voorbij drijven en daar zaten mooie 40ers bij.
Op de meeste diepe putten loop je dat risico en sommige roofvissers zoeken juist die diepe punten op als ze op andere diepten geen aanbeten krijgen en toch willen scoren.

Het Gooimeer en het Nieuwe Meer is daar een voorbeeld van en als je op 20 meter een snoekbaars naar boven haalt, is die gewoon ten dode opgeschreven.



Marco, Frido en ik zijn vandaag in de Marcraft op Het IJ te vinden, want het is en blijft een mooi water om te dropshotten of te verticalen.
Natuurlijk zitten we met bliek en spiering van Dennis Elings van doodaaskopen.nl te dropshotten, want daar zijn de snoekbaarzen helemaal verzot op en bijna geen enkele rover laat dat aan zich voorbij gaan als superaas.

Vele roofvissers weten de weg op Het IJ en sommige bootjes kluiten een beetje bij elkaar, omdat ze weten waar de meeste kromme hengels zijn te verkrijgen.



Toch zie je ook bootjes soms verderop liggen en daar hun geluk beproeven, want wijk je van de geëffende paden af, dan kan je weleens een mazzeltje creëren om een echte kneiter aan de haak te slaan.
Het is niet voor het eerst dat er roofvissers zijn die een werkelijke kanjer vangen, terwijl de rest van de andere vissers die bij elkaar liggen zo’n beetje dezelfde jaargangen aan boord brengen.

Dat heb ik zelf ook meegemaakt en dan moet je die ongelovige blikken van de andere vissers zien.
En daar hoef je geen allrounder roofvisser voor te zijn, want iedere huis, tuin en keukenvisser kan dat geluk hebben.



Bij elke ruk aan de top van mijn dropshothengel stroomt er een beetje adrenaline in mijn aderen en begint elke vezel in mijn lijf te gloeien van plezier.
Die kleine scheutjes adrenaline laat je de gewone zaken van allerlei slag en kleine pijntjes vergeten en het lijkt wel of je de wereld aan kan, terwijl je gewoon bezig bent je hobby uit te voeren.

Maar wat een vreugde en blijdschap kun je vergaren uit zo’n gewone en alledaagse liefhebberij, die je als kind of op latere leeftijd aan het uitoefenen bent.



Er zijn niet voor niets zoveel vissers in Nederland, want spreek maar met elke visser die een hengel hanteert, ze doen het niet omdat ze er heerlijk sacherijnig van worden.
Volksvermaak nummer een?, nee, dat is voor velen voetbal, maar vissen is voor eenieder bereikbaar.

De een na de andere snoekbaars scherpte even zijn gebit op onze aasvisjes uit en hing dan met een snelle ophaal aan de verborgen haak aan de dropshotonderlijn.



Wij hebben al verschillende jaargangen over de rand van de boot gekregen, van 35 tot 55 cm groot en we weten dat er nog vele sluwe en arglistige, geslepen en doortrapte creaturen op de bodem van Het IJ liggen, die de juvenielen onder de snoekbaarzen voor laten gaan.
Soms verkijkt zo’n flink bijdehand schepsel, die waarschijnlijk het op een dropshothaak geregen aasvisje als een verdwaalde stakker ziet en het met een snel schot probeert te verorberen.

Dat zijn de betere kneiters van rond de zeventig en groter die jou dan even het halve IJ laten zien voor je ze kan scheppen.



Dan heb je gewoon even tijd nodig om op adem te komen en je te herstellen van de inspanning en lichte stress die je even moest ondergaan, want je kunt hem nog verspelen door draadbreuk of een verkeerd afgestelde slip.
Maar wat een feest is dat, als je met die gigant op de foto gaat, heerlijk, maar vandaag kregen we ze helaas niet aan de haak.

De aanbeten waren vandaag voorzichtig en soms was je al te laat met het aanslaan als de top even trilde.
Af en toe wilde een ander familielid hetzelfde aasvisje snel in de bek nemen en moest dat bekopen met een tijdelijke gevangenschap.



De kou begon zijn tol te eisen en die werd hoofdzakelijk veroorzaakt door de straffe wind.
Marco zat met dikke handschoenen aan de stuurknuppel te besturen en kreeg met regelmaat een flink aantal golven over zich heen als er weer een vrachtboot een paar hoge hekgolven veroorzaakte.

De hoge golven sloegen over het achterdek en spetterde hem, maar ook mij in het midden van de boot een aantal keren zeiknat.
Dat gaat je op een gegeven moment opbreken.



Inmiddels hadden we 20 snoekbaarzen uit hun territorium getrokken en de bliek, maar ook de spiering bleken favoriet boven het rubber.
Van meet af aan was ik begonnen met bliek aan de dropshotonderlijn en dat bleek de juiste keuze te zijn, want de aanbeten bleven met regelmaat komen.
Als er roofvissen aanwezig zijn, dan komen ze ook op de bliek of spiering af.

In de vroege ochtenduren zagen we slechts een visbootje van een stel Friezen, maar later op de dag kwamen er meerdere bootjes op het water hun geluk beproeven, waaronder ook Nick en Bart.



Om 14.00 uur zijn we van het water afgegaan omdat de mannen totaal verkleumd waren en met hun koude vingers bijna niet meer een bliekje aan de haak konden bevestigen.
Zelfs een haakje kregen ze bijna niet meer met de vingers uit de bek van de vis.
Ondanks dat het zonnetje voorzichtig begon te schijnen waren de ledematen zodanig afgekoeld, dat zelfs de warmte van de zon ze niet meer op temperatuur kon brengen.

Uiteindelijk kregen we 29 snoekbaarzen in de boot en dat hebben we in ca. vijf uur kunnen bewerkstelligen.
En je weet het en je leest het……..bliekjes en spiering is de boodschap.




 
naar boven
 

© Leo Olierook Sportsfishing Adventures 2008-2012

  Webdesign by Theo J. de Wit

Google Sitemap Generator