Leo Olierook Fishing Adventures

    Homepage || Roofvisverhalen|| De Ebro bij Playas de Chacon bij ebrowhoppers sept 2019
 

    
 
De Ebro bij Playas de Chacon bij ebrowhoppers sept 2019


Voor de tweede keer dit jaar gaan Richard en ik naar de Ebro om te vissen op meerval, karper en snoekbaars, bij ebrowhoppers in Playas de Chacon.
Toen Richard en ik een weekje in mei van dit jaar bij Rinus en Roxanne Houtkooper aanwezig waren kregen we naast een meerval ook nog 62 snoekbaarzen aan de haken, waarvan de grootste 68 en 69 cm bedroegen.



Als je weet hoe lang de Ebro is (925 km), dan kun je je voorstellen hoe moeilijk het is om snoekbaarzen te spotten en ze ook daadwerkelijk aan de dropshothaak te krijgen.

Sommige roofvissers werpen de hele dag, vaak staande vanuit een visboot, met een shad aan een loodkop bevestigd of gebruiken een blinker en kunnen op deze manier een flink stuk rivier rondom de visboot afvissen en vaker een snoekbaars verleiden om het “aas” te pakken als deze rustig huppelend over of net boven de bodem in het zicht komt.



Natuurlijk kun je ook de Carolina of Texas rig voor deze doeleinden gebruiken, maar houdt er rekening mee dat je dan meer vast aan de bodem komt te zitten dan op de conventionele manier met dropshotten of verticalen.

De vaak rotsige bodem, vol met grote of kleinere scherpe stenen die vanaf de rotsen en hellingen naar beneden rollen of afglijden door de hoge waterstanden en felle stromingen, maar ook doorgaans door de vorst in de wintertijd los zijn gekomen, liggen meestal tot zo’n 20 tot 30 meter vanaf de hellingwand op de schuine taluds en bodem verspreid.



Juist tussen deze “obstakels” onder water en uitgesleten kuilen liggen de snoekbaarzen in en achter hun schuilplaatsen te wachten op een vermeende prooi die hun honger kunnen stillen.

Dat zijn enorme prachtige potentiele plekken waar je mooie roofvissen kunt verwachten, maar je loopt op die plekken natuurlijk een groot risico om vast te komen te zitten om zodoende je onderlijn, shadje en dropshotlood te verspelen.



En laten we niet vergeten, dat je niet alleen tussen de rotsen onder water je handel kan verspelen, maar ook aan takken van bomen en struiken die op bepaalde plekken in de Ebro zijn afgezonken toen ze door de sterke stroming en het hoge waterpeil in het voorjaar door bijvoorbeeld smeltwater van de Pyreneeën zijn meegenomen.

Eigenlijk is de Ebro na elk hoog waterpeil onvoorspelbaar veranderd en kan een fijne plek, waar je voorheen fantastische aanbeten van roofvis kon verwachten, een crime zijn om daar weer te gaan vissen door de veranderde omstandigheden onder water.



Natuurlijk kun je bepaalde vangplekken direct vastleggen via een GPS locatie op een fishfinder en daar een Waypoint ofwel een coördinatenpunt van maken, maar dan moet deze mogelijkheid wel op de fishfinder aanwezig zijn.
Maar dat betekent niet dat je ongestoord elk jaar dezelfde plekken kunt bezoeken, want zoals eerder vermeld kunnen vele vangende plekken na hoog stromend water drastisch veranderen en zullen opnieuw gevonden moeten worden om ze weer vast te leggen.

Is het eigenlijk wel noodzakelijk om een Waypoint te maken in de periode van vaak een week visvakantie?



Waar blijf je dan als rechtgeaarde roofvisser die dan zonder risico’s een visvakantie wilt houden en jezelf het genoegen onthoudt om eens op avontuur te gaan en potentiele plekken wilt exploiteren om er achter te komen of zich daar roofvissen ophouden.
Dat is veel leuker en je haalt er veel meer voldoening uit als je plots een keiharde aanbeet krijgt van felle rakker die in je shadje een mals prooivisje ziet en je het niet snel had verwacht.

In de week visvakantie in mei kregen we te kampen met twee dagen harde wind van de 4 ½ dag vissen op snoekbaars (de andere twee dagen visten we op meerval en karper), die de platbodem telkens naar de rotswanden duwde en binnen een paar tellen de afstand van soms 20 meter van de rotswanden overbrugde.



Richard die doorgaans de stuurknuppel van de elektromotor bedient, zat meer op de boot en de rotsen dan op zijn eigen hengeltop te letten.
Als hij een aanbeet kreeg en de rover zijn hengeltop gekromd naar het oppervlak van de Ebro liet wijzen, dan moest hij niet alleen de vis fatsoenlijk drillen, maar ook de boot proberen van de kant te houden en ook deze keer in september was het niet anders.

Omdat we in mei heel veel aanbeten hebben gekregen op de verschillende Poolse shadjes die we aan de dropshothaken hadden bevestigd, heb ik mijn voorraad Poolse shadjes in Nederland, die in verschillende shaddozen waren ondergebracht, verzameld en in twee shaddozen bijeen geplaatst om ze wederom te gebruiken op de Ebro.



Tot aan de vellen toe waren deze shadjes bruikbaar, vaak zonder oogjes, die soms na twee fanatieke aanbeten al waren verdwenen en met hapjes uit de flanken, maar soms ook helemaal waren uitgescheurd, vingen ze nog steeds mooie snoekbaarzen die ze venijnig bleven aanvallen of het een culinair hoogstandje was en vaak met een onthaaktang uit de kelen moesten worden geplukt.

Ook moesten Richard en ik de dropshot onderlijnen weer op voorraad brengen en verschillende gewichten aan dropshotloodjes aanschaffen, want het verspelen er van door het vastzitten aan de bodem of obstakels gaat soms sneller dan je denkt en dan ben je vlug door je voorraad heen.



Rinus kwam ons weer van het vliegveld Reus in Spanje ophalen en rond 11.00 uur waren we in Playas de Chacon, waar we na een heerlijke lunch, die door Roxanne was voorgeschoteld, door Rinus met de auto en visboot naar een helling werden gereden, omdat de gewone trailerhelling niet meer bruikbaar was vanwege de lagere waterstand om onze eerste shadjes nat te maken.

We hadden afgesproken met Rinus dat hij ons weer om 19.00 uur bij de helling op zou halen, zodat we een aantal uren op ons gemak en zonder haast of stress konden dropshotten.
En weer waren de Poolse shadjes van ca. 7 tot 9 cm vooralsnog in trek bij de rovers, want de beuken op de toppen waren spectaculair hard of ze uitgehongerd waren en blij waren een bewegend visje aan onze dropshotonderlijnen te zien.



Toch bleken de snoekbaarzen ook interesse te tonen in de 4.5 inch Ribster Shads van LunkerCity die in de boot al glitteren in de zon door de aangebrachte en meegegoten glitters en op vijf tot 7 meter nog steeds hun glans en glitter bleven behouden door de schrale zonnestralen op deze diepten en echt de aandacht van de roofvissen opeisten.

Vorige week, voordat Richard en ik kwamen, bleek het slechte weer goed te hebben huisgehouden in het Oosten van Spanje met name Valencia en Alicante, waarbij ook overstromingen en zelfs doden zijn gevallen.
Het kan aardig spoken op de Ebro en zeker op de grotere stukken water waar de wind vrij spel heeft en waarvan de breedte van de rivier meer dan 400 tot 500 meter bedraagt.



Wij zijn al een keer verrast op de terugweg door de ineens aantrekkende wind en dan kijk je tegen behoorlijke hoge golven aan die je noodzakelijk maakt om langzamer en meer langs de oeverkanten te varen omdat de verraderlijke afwisselende hoge golven over de voorkant van de platbodem kan klotsen.

We keken even het weer aan, want bij te harde wind hadden we eerst een paar dagen op de meerval kunnen gaan vissen en wat later in de week op de snoekbaars als het weer wat beter geworden was.



Omdat ik in Nederland niet meer op de meerval ga vissen, heb ik mijn meervalhengels en molens meegenomen naar Spanje.
Deze heb ik aan Rinus geschonken voor eventuele verhuur er van, met de afspraak dat ik er wel gebruik van kan maken als ik daar behoefte aan heb als ik weer bij hun op bezoek ben om op meerval i.p.v. de karper te vissen.

Aangezien ik ook niet het eeuwige leven bezit en er een tijd komt dat ik de reis naar Spanje niet meer door lichamelijke ongemakken zou kunnen maken, zit ik er helemaal niet mee dat mijn opgeslagen vismateriaal bij Rinus achterblijven en hij er dan vrijelijk over kan en mag beschikken.



Volgens Rinus is de Ebro voor 57 % met water gevuld en dat betekent dat het waterpeil in deze septembermaand toch tussen de 6 en 8 meter lager is dan normaal, vergeleken met andere jaren rond deze tijd.
Je kon dat ook duidelijk zien aan de waterstand onder de brug, want normaal staat het water tegen de horizontale delen van de pijlers.

We konden ook niet meer via de gewone helling traileren maar een paar kilometer verderop was dat wel mogelijk.



Eigenlijk was het waterpeil vrij onveranderd vergeleken met afgelopen mei, zij het dat er met regelmaat vers water aan de Ebro wordt toegevoegd om het zodoende zuurstofrijk te houden voor het leven onder water.

Er wordt niet alleen veel drinkwater aan de Ebro onttrokken voor de omliggende dorpen en urbanisaties, maar ook om de vele plantages aan de oevers van de Ebro van de broodnodige watervoorziening te voldoen.
We hebben nogal moeten harken in de felle zon om snoekbaarzen in de boot te krijgen en dat viel om de drommel niet mee.



Tot twee keer toe kreeg ik een meerval aan mijn 6 honderdste gevlochten dropshot lijn, weliswaar met een Fluorocarbon onderlijn en daar kreeg ik slechts een van de meervallen in de boot, want de andere schoot tijdens de dril los.

Richard kreeg ook een grote meerval aan zijn dropshothengel en daar zijn we twee (2) uur mee bezig geweest om hem te proberen te drillen, wat natuurlijk nooit zou lukken.
Als je voorzichtig de lijn strak hield beantwoordde de meerval dat met een stevige run over de bodem en moesten wij hem met de boot volgen om geen lijnbreuk te bewerkstelligen of dat de spoel leeg getrokken zou worden.



Dat spelletje duurde dus twee uur en toen was de meerval het zat en draaide rond de stam van een boom of struik onder water en daardoor loste hij de haak en kwam de haak vast te zitten.
We konden niets anders dan de lijn kapot trekken.

De laatste twee dagen stonden in het teken van de vangsten van karper en meerval.
Richard stelde zijn twee meervalhengels op in de steunen, Rinus en ik hadden onze karperhengels meegenomen en om de tijd tussen eventuele aanbeten te doden had Richard een feederhengel op twee steunen geplaatst en probeerde met wat grondvoer in een korfje en een aantal maden aan de haak wat witvis te verschalken.



Dat bleek een schot in de roos, aangezien er op de eerste dag 42 witvissen en een klein snoekbaarsje aan zijn haakje kwam, maar geen enkele aanbeet van een meerval op zijn meervalhengels.
Dat leek mij ook wel wat en de volgende dag zat ik net als Richard ook met twee steunen en een soort feederhengel van Rinus, een voerkorfje en onderlijn van Richard, te vissen op zo’ n 20 meter uit de kant.

Tussen de aanbeten van de witvissen door kreeg ik een karper(tje) aan de haak van de feeder die ik met veel moeite heb kunnen landen.
Niet alleen warende witvissen enorm sterk maar zulke kleine karpers helemaal en zeker aan een 14 honderdste nylon onderlijn.



Deze dag kreeg ik 40 witvissen en een karper aan de feeder en Richard deed het deze dag wat minder dan de vorige dag.
Toch was ik ook nog de mazzelkont, omdat ik twee aanbeten van karper op mijn karperhengels kreeg en daar een van verloor die net voor het scheppen van de haak schoot, maar de tweede kreeg ik wel in het net.

In de eerste instantie had ik helemaal niet door dat de beetverklikker aan mijn ene hengel afging, want ik was er stellig van overtuigd dat de hengel van Rinus een aanbeet had gekregen.
Door kordaat optreden van Richard, die zich verwonderde dat ik in mijn stoel bleef zitten, kon de karper toch nog op tijd door hem aangeslagen worden, terwijl ik hem daarna kon afdrillen.



Terwijl Rinus iets later met mij stond te praten, toen ik aan het feederen was, gaf de tweede karperhengel van mij achter zijn rug een flink draaiende spoel te horen.
De beetverklikker op de steun bleek stuk te zijn en gaf geen piepend geluid, maar de spoel van de baitrunner draaide op hoge toeren.

Ditmaal kon Rinus snel de aanbeet van de karper aanslaan en gaf de hengel aan mij toen ik naast hem kwam staan.
Helaas kon de karper na de dril zich later in het ondiepe water bevrijden van de haak toen hij schepnet klaar een paar meter van ons verwijderd was.



Jammer genoeg is de plek/doorgang naast het elektriciteitshuisje afgesloten door een paar watervallen en dat was voorheen een fijne plek om te dropshotten.
Daar kreeg ik de vorige sessie in mei nog een paar dikke zestigers aan de haak en die plek kunnen we nu vergeten door de aanleg van de watervallen.

Nu zagen we door de lagere waterstand ook de grote tak boven het water uitsteken, waar iedereen die daar ooit gevist heeft aan vast heeft gezeten.



Het idee om te gaan feederen tijdens de karper en meervalsessie op de kant, kwam eigenlijk van Richard.
Die kwam in mei al op het idee om dat te doen, zuiver en alleen om de bijtloze uren toch actief door te brengen, dan om dom naar het belletje of het geluid van de beetmelders te luisteren.

De verschillende kruisingen van witvissen, voorns en aanverwant, waren verrassend sterk en dat bleek telkens weer aan de toppen van de feeders te zien.
De beuken waren soms ongekend hard en de kracht die de gehaakte vissen tentoonspreidde waren best wel plezierig.



Het was elke keer weer de vraag wat we nu weer gehaakt hadden na een aanbeet en de fraai buigende hengels kregen het goed te verduren.
Ook Richard kreeg een klein karpertje aan de haak en die gaf nog voldoende sport ook.

Natuurlijk kwamen we niet naar de Ebro om te feederen, dan alleen om te vissen op de snoekbaars, karper en de meerval, maar misschien houden we dit er in en zullen we elke keer als we aan de kant om op de karper of meerval te gaan vissen, dit er gewoon bij doen.
Je mag helaas niet met drie hengels per persoon vissen, dus is het opletten geblazen als we daarmee bezig zijn voor eventuele controles door de controleurs.



Rinus was weer zeer behulpzaam tijdens ons verblijf en niets was hem te veel, want hij steekt er echt wel veel tijd in om het zijn klanten naar de zin te maken.
Ook waren de culinaire hoogstandjes van Roxanne steeds weer een verrassing wat er in de avonduren op tafel kwam en zij houdt daar nog steeds voldoende variatie in.

Ik geef je het te doen als je elke dag in de keuken moet staan om het eten voor de avond maar ook de lunchpakketten voor tussen de middag moet klaarmaken.
Proficiat voor beiden, zelden zo’n gezellig en amicaal stel bij elkaar gezien.



Deze week zijn we zeker 20 onderlijnen, 20 dropshotloodjes en evenveel shads kwijtgeraakt aan het vastzitten aan de bodem, staarten van shads afgebeten en vele shads die totaal waren afgekloven door woeste aanbeten.
Ons zitvlees heeft veel te verduren gehad door de stoelen in de visboot, want ondanks de extra kussens die Rinus aan ons heeft verstrekt, was op een gegeven moment de vulling in de stoel en de verstrekte kussens helemaal uitgewerkt.

Omdat wij zittend dropshotten en niet staande in de visboot shads rond de boot werpen, vanwege ons beperkt evenwicht, zijn vullingen in kussens natuurlijk snel uitgewerkt zodat je het gevoel hebt elke dag op een spijkerplank van een Fakir plaats te nemen.



 
naar boven
 

© Leo Olierook Sportsfishing Adventures 2008-2012

  Webdesign by Theo J. de Wit

Google Sitemap Generator