Leo Olierook Fishing Adventures

    Homepage || Witvisverhalen|| Heeft u nog laatst op brasem gevist? (grote rivieren)
 

    
 
Heeft u nog laatst op brasem gevist? (grote rivieren)



In het vorige verhaal over brasemvissen heb ik uitgelegd hoe we deze mooie vissen via een uitgelode dobber aan de haak kunnen krijgen.
Op de grote rivieren gaat dat op een andere manier en zeker op de snelstromende rivieren.
Een dobbertje op een snelstromend stuk kun je vergeten, dus zijn er andere technieken nodig om toch deze prachtige vis in het net te kunnen krijgen.
Een brasem van 60 cm is al snel 25 jaar oud en in Nederland is dat al behoorlijk aan de maat.
Er zijn in de grote rivieren (b.v. de Waal) brasems van over de 70 cm gevangen en daar wordt weinig over gepraat of mededelingen over gedaan.



Stekkenpezers staan immers altijd op de loer om direct jouw plaats in te nemen.
Maar de grote rivieren hebben zoveel kilometers oever en zijn zo verschrikkelijk lang, dat er van concurrentie onderling nauwelijks sprake is.
Mij interesseert het niet en ik maak altijd bekend waar ik gevist heb, om een ander ook de gelegenheid te geven om mooie vis te vangen. Geen geheimzinnigheid van mijn kant.
Mijn vismaten en ik zijn immers altijd op zoek naar mooie plekken om te vissen en we veranderen met grote regelmaat van stek.
Goede vangsten worden opgetekend en op mijn site vermeld.



In de grote rivieren kun je vissen met een feederhengel van ca. 3.90 tot 4.20 meter.
De hoofdlijn is van 22 honderdste gevlochten draad met of zonder een shockleader of vrijloopsysteem en met een voerkorf of lood en een aparte nylon onderlijn van 18 tot 22 honderdste en haakje 8 of 10.
Je mist de fraaie opsteker van een dobber, maar het trillen en uitbuigen van de top van je hengel heeft ook wel wat en daar kan je ook een boek van 100 paginaís over volschrijven.

Mooie plekken om te vissen in de grote rivieren zijn onder andere de plekken tussen de kribben (strekdammen) in een kribvak. Op de tussenliggende zanderige strook zijn altijd wel een paar mooie plekken om je hengelsteun te plaatsen.



Je merkt en ziet, dat de stroming in zoín kribvak aan versnellingen onderhevig is en helemaal als een groot vrachtschip langskomt en het halve vak leegzuigt en weer vol laat lopen als hij gepasseerd is.
Het waterpeil kan op deze manier meer dan een meter zakken en stijgen, als een geboortegolf op een strand.
Dat hebben mijn vismaten en ik al tot schade en schande ondervonden.



Precies in het midden van zoín kribvak wordt veel voedsel uit de rivier gedeponeerd en daar draait het in het rond door de altijd maar ronddraaiende stroming.
Je moet het vergelijken met het ronddraaien met een lepeltje in een bak koffie of thee, want dan zie je ook een stilstaande kolk in het midden van je kopje, terwijl de rest als een bezetene ronddraait.
In een kribvak werkt dat precies zo.
Als je in het midden van zoín stilstaande kolk je aas plaatst dan heb je meer aanbeten, dan op de andere gedeelten van het kribvak, omdat daar zich een overdaad aan voedsel bevindt.

Theo de Wit en Ed van der Kraats, twee brasemvissers bij uitstek


Belangrijk is ook dat je ver kunt werpen.
En onder ver, bedoel ik verder dan de lengte van de kribben.
Voorbij deze kribben ( strekdammen) ligt namelijk de vaargeul, die als een talud schuin naar beneden loopt.
Ook daar bevindt zich veel passerende en liggende vis, waaronder niet alleen brasem, maar ook winde, snoekbaars, roofblei en barbeel.

De auteur


Het stroomt daar verschrikkelijk hard en er passeert veel voedsel waar deze vissen op liggen te wachten. Ze hoeven alleen maar de bekken open te doen en het aas stroomt daar bijna vanzelf naar binnen.
Je zult de brasem meer in de kribben vinden, aangezien zich daar meer modder en slik heeft verzameld om daar eens lekker in te wroeten op zoek naar voedsel.



Het is jammer, dat je de grote plakkaten bellen niet ziet, die door azende brasems worden veroorzaakt en eigenlijk weet je helemaal niet of zich daar een school gladde jongens onder water ophoudt.
Niets verraadt hun aanwezigheid en dat kunnen we eigenlijk als brasemvissers niet dulden of hebben, want wat is er mooier dan het ogenblik van het constateren van grote uiteenspattende bellen en het moment van het weglopen van je pen.



Juist!
Dat mis je dus.
Je blijft eigenlijk altijd in het ongewisse wanneer er een flinke brasem uit een schooltje brasems jouw aasje vindt en het de moeite waard vindt om het te nuttigen.
Daarom horen je ogen aan de top van je hengel te kleven en zelfs bij het inschenken van een bakkie koffie je blindelings op zoek moet gaan naar de bovenkant van je beker.



Je moet je door niets laten afleiden, want zelfs het trillen van je top is potentieel vis en dat sabbelen aan je aas mis je zo, als je ogen heen en weer dwalen in plaats van gefixeerd te staren naar je top.
Beperk zelfs het knipperen van je oogleden en train daar op.
Dat is een grapje natuurlijk, maar ik probeer aan te geven dat een aanbeet, hoe gering dan ook , een behoorlijke brasem in het net kan brengen.



Je kunt de brasem met veel aassoorten vangen.
Op snelstromende rivieren vissen wij echter met kaas, wormen, maÔs en maden. Kleine boilies (8mm) zijn ook een probaat aas.
Kaas of boilies aan een hair, zoals bij karpervissen, en wormen, maÔs of maden aan de haak. Je kunt natuurlijk ook alleen boilies, maÔs, wormen of maden aan een hair bevestigen en niets aan de haak, want dat laat ik over aan je eigen voorkeur.
Werk je met kaas aan een hair, dan kun je als bijvangst winde of barbeel vangen en dat is een welkome verrassing.



Het voer is ook belangrijk.
Naast het basisvoer voor brasem (overal te verkrijgen met vele geheime ingrediŽnten) kun je deze zelf nog verrijken met allerlei ingrediŽnten.
Zwitserse kaas (poeder), geraspte kaas, maÔs, geknipte wormen, casters, maden, melasse, geurstoffen, gehakte boilies en ga zo maar even door.
Om het voer wat zwaarder te maken is leem (poedervorm) of zilverzand een oplossing. Vermengd met het voer laat het zich niet zo snel in het water verplaatsen en dat hebben we nodig als we een voerplek willen aanleggen.



Het is ook noodzakelijk dat we na 10 minuten geen aanbeet, de boel naar binnen draaien en het voerkorfje van een nieuwe lading lekkers voorzien.
Door met regelmaat te voeren blijf je de vis aantrekken en op je plek te houden.
De geurstoffen moeten blijvend in je kribvak aanwezig zijn en de brasem prikkelen er naar op zoek te gaan. Het kan dus helemaal geen kwaad, als we telkens alleen een lading grondaas op de plek deponeren en dat gaan we doen met een klaarstaande hengel met een spod.



De karpervissers gebruiken een spodhengel met een spod waar je een lading voer op een plek in het water kunt deponeren.
Een spod (verzamelplaats voor voer) kun je in diverse maten kopen en allerlei voedsel op je stek laten afzinken. Het vraagt alleen een wat zwaardere hengel om de gevulde spod naar de plek te kunnen gooien.



Op deze manier voer je effectief en is de kans op meerdere aanbeten ineens een stuk groter geworden.
Tussen de varende schepen door plaats je een of twee gevulde spods met voer op je plek en ga daar direct met je aas en gevulde voerkorf zitten.
Aanbeten zullen dan niet lang op zich laten wachten.
Veel succes!

( alle bovenstaande fotoís zijn brasems van 55 cm tot 63 cm groot en gevangen in de Waal)


 
naar boven
 

© Leo Olierook Sportsfishing Adventures 2008-2012

  Webdesign by Theo J. de Wit

Google Sitemap Generator