Leo Olierook Fishing Adventures

    Homepage || Leo vertelt|| Leo vertelt nr 28 (Visboot perikelen)
 

    
 
Leo vertelt nr 28 (Visboot perikelen)


Ik dacht bij mijzelf, kom laat ik eens naar mijn visbootje lopen en controleren of hij nog fatsoenlijk onder het zeil ligt en de touwen waarmee hij vastgebonden is nog allemaal in orde zijn, want het is al een paar weken geleden dat ik dat nagekeken heb.

Mijn polyester bootje van 4.00 bij 1.60 meter is echt een vis/toerbootje van het merk Elan 401.
Hij is vrij onstabiel en schommelt bij de geringste golfslag, maar het is mijn eigen visbootje waar ik nu zeker veel plezier aan ga beleven op alle werkdagen, wanneer ik niet met een andere vismaat met boot vis, omdat ik nu gepensioneerd ben.



De buitenboordmotor van het merk Yamaha, 4 pk viertakt kortstaart heb ik wat later 2ehands gekocht en die past prima op mijn boot, hoewel ik eigenlijk bij nader inzien een wat zwaardere buitenboordmotor had willen hebben.
Ik heb er hardhouten vlonders en zitbanken in gemaakt, twee klapbare kuipstoelen op de zitbanken bevestigd, een hengelstandaard voor drie hengels er in geschroefd en een aantal hengelsteunen voor mijn hengels aangebracht.

Het blijft echter een eenvoudig visbootje, maar hij is voor mij van onschatbare waarde en ik heb er geen vaarbewijs voor nodig.



In mijn ijver heb ik ook een lichte Minn Kota elektromotor aangeschaft ( 30 lb) en een accu met een druppellader, maar ook een eenvoudige portable fishfinder/dieptemeter met transducer die ik zo van mijn boot af kan halen.
Het nadeel is, dat de elektromotor en accu (zwaar dood gewicht) na elke vissessie meegenomen moet worden want anders wordt het ongevraagd door een andere vreemde onverlaat gedaan.

Niet zo gek lang geleden heb ik een nieuw zeil gekocht en dat kostte een vermogen, want bij het vorige zeil waren de stiksels verteerd en het zeil begon te lekken.
Met ingenaaide zandzakken aan de zijkanten blijft het nieuwe zeil redelijk strak om de boot gespannen, zodat het hemelwater er goed af kan lopen.



Echter tegen sneeuw is natuurlijk geen enkel zeil opgewassen.
Door het gewicht van de sneeuw zakt het zeil naar beneden en worden de zijkanten van het zeil naar de randen van de boot getrokken.
De sneeuw smelt en vormt op zijn beurt een plas water aan de zijkanten , die bevriezen weer op hun beurt en na een paar keer sneeuwen en dooien, wordt het gewicht van het bevroren ijs zo zwaar, dat de zijkanten van het zeil werkelijk de boot in wordt getrokken.



Je raadt het al.
Het gaat eindelijk dooien en al het water van dat ijs en sneeuw sijpelt in je boot en zo wordt je bootje een grote badkuip.
Alleen het gele badeendje ontbreekt nog.
Daar sta je dan, op de vlonder te kijken naar je bijna gezonken boot, want het water van de kromme Mijdrecht stond haast tot de bovenrand van mijn trots.

De gezonken boot naast mijn boot

Dan krijg je ineens een acute aanval van repareren en herstellen, want je handen jeuken om actie te ondernemen.
Met een Colafles, waar de hals van af is gesneden ben ik het water uit de boot gaan lepelen en na een half uur scheppen kreeg ik de indruk dat er nog niets uit was.
Probeer maar eens een langere tijd op je hurken te lepelen en ik kon mij, vanwege mijn leeftijd, bijna niet meer fatsoenlijk oprichten.



Meer dan een uur heb ik het water er uit geschept en nu is alles er uit, op misschien een deciliter na.
De vlonders op vloer, die even tevoren nog ronddreven, liggen weer op hun plek en voor de rest is alles in orde.
Als het een beetje mooi weer wordt, dan hang ik de buitenboordmotor er weer aan, zet hem vast met een gecertificeerd slot en dan ga ik vissen in de Kromme Mijdrecht op de dagen dat mijn vismaten werken.

Tegen die tijd zijn mijn spieren allang weer hersteld van de inspanningen.
Is dat geen prettig vooruitzicht?
O ja?
Ja!

 
naar boven
 

© Leo Olierook Sportsfishing Adventures 2008-2012

  Webdesign by Theo J. de Wit

Google Sitemap Generator