Leo Olierook Fishing Adventures

    Homepage || Witvisverhalen|| Hellouw aan de Waal (april 2010)
 

    
 
Hellouw aan de Waal (april 2010)


Het water was pas 11 graden Celsius.
Je zou verwachten dat het water in de kribvakken inmiddels opgewarmd zou zijn naar een graad of 14, maar niets was minder waar.
De dag begon bewolkt, maar later op de dag, brak de zon door en was er een blauwe lucht waar te nemen.



De wind begon eveneens matig, maar naarmate de dag voorbij ging, nam de wind toe en beukte af en toe ons in de rug.
Theo had werkelijk een paraplu nodig tegen de wind en was op een gegeven moment zo kouwelijk, dat hij een muts met oorflappen had opgezet.



Urenlang zagen we zelfs geen beweging van de toppen van onze feederhengels, dan het heen en weer wiegen van de voorbij varende schepen, die tonnen water wegzogen en weer terug gaven.
Het heerlijk klaargemaakte voer voor in de voerkorfjes geurde verleidelijk, maar geen vis zag er zijn maaltijd in of werd zelfs maar hongerig.

Ik kreeg ineens een beuk op een van mijn toppen en ik sloeg aan.
Zwiep!, zei mijn top en mijn hoofdlijn werd door een mosselbank finaal doorgesneden.
Alles er af.



Het is mooi toeven tussen de kribben van de Waal bij Hellouw.
Normaal zijn deze kribvakken snel bezet door witvissers, maar op een doordeweekse dag maak je redelijk kans om lege vakken te vinden.
In het weekend, vanaf vrijdagavond, kan je het schuffelen, dan is er geen plek meer vrij.

Daar zag ik een beweging van een van mijn toppen.
Een afwijkende beweging, die mij direct opviel.
Tik!, daar zag ik het weer en ik sloeg voorzichtig aan.
Hangen! Gelukkig bleef alles heel.



Een mooie brasem landde in het net en eindelijk was de kop er af en gaan we toch straks niet zonder vis naar huis.
Vreselijk sterk was deze brasem en hij liet zich niet snel vangen, want hij gooide alles in de strijd om tegen de stroming in zijn hele gewicht te gebruiken.
Ik verwachtte eigenlijk een winde, vanwege de krachtige kopstoten, maar uiteindelijk kwam een brasem van ruim over de 50 cm in zicht.



We kregen visite van een wedstrijdvisser, die even langs kwam om te kijken naar onze handelingen.
Hij gaf ons een aantal tips, die voor ons behoorlijk bruikbaar bleken en je ziet maar, dat je nooit te oud bent om te leren.
Ook gaf hij ons advies omtrent de te gebruiken lengte van een onderlijn, vertelde waar een paar goede stekken te vinden waren en in het uur dat hij bij Theo en mij is gebleven, zijn we een stuk wijzer geworden over het vissen in de Waal.



Ik gaf hem een visitekaartje van mijn site en die zou hij binnenkort gaan bekijken.
Op een gegeven moment zag ik een trilling op een van de toppen van de hengels van Theo.
Je hebt beet, zei ik op laconieke toon.
Welnee joh, zei Theo, dat is de stroming en de wind.
Je hebt beet, want ik zie het toch, zei ik op gedecideerde toon.

Maar Theo maakte helemaal geen aanstalten om aan te slaan.
Ik liet het even zo.
Na tien minuten was ik het zat en ik zei, je hele lijn valt slap, de vis zwemt naar je toe.
Ik wees naar zijn hengeltop die niet meer gekromd was door de stroming.
Op zijn gemak draaide Theo zijn slip vaster, draaide de uitstaande slappe lijn is en voelde ineens weerstand.



Hij keek mij een beetje schaapachtig aan en zei, verrek, ik had toch beet.
Een mooie veertiger brasem mocht even op de foto en werd snel weer terug gezet in de Waal.
Wat een dooie, dacht ik nog.

Twee brasems tot nu toe.
Vette bek!, zou je denken en daar heb je gelijk in.



Theo bekeek zijn mogelijke toekomstige vangsten van kapitale vissen aan de binnenkant van zijn oogleden en ik voelde eveneens mijn oogleden zwaarder worden.
De zon was heerlijk warm en het ruisen van de golven en de wind door de handvol verdroogde rietpluimen van de vorige zomer, zongen een aanstekelijk slaapliedje.

De aanbeten bleven uit.
Steeds verwisselde ik de levenloze maden aan de haak voor een nieuwe lading en het voerkorfje werd weer volgestouwd met heerlijkheden.



Het was inmiddels 15.00 uur geworden.
Theo werd weer actief en begon zijn spullen op te ruimen.
Dat verdiende navolging, want ik was het ook zat om beetloos te blijven zitten achter mijn hengels.
Terwijl ik al een hengel had afgebouwd, zag ik ineens dat ik een aanbeet kreeg op mijn andere hengel.
Bij het voorzichtig aanslaan, voelde ik weerstand .
Hij hangt Theo, riep ik hem toe, op de valreep van het weggaan.



Een dikke veertiger gleed in het net en in allerijl werd er nog een foto genomen voor dit verhaal.
Dat is nummer drie vandaag, dacht ik nog.
Toen alles ingeladen was, bleek er alweer een half uur voorbij en een uur later was ik thuis.
Deze week ga ik niet meer vissen, want vrijdag ga ik met Ed naar Zweden om te snoeken en daar ga ik een mooi verhaal aan wijden in misschien wel 2 delen.

Tot dan!



 
naar boven
 

© Leo Olierook Sportsfishing Adventures 2008-2012

  Webdesign by Theo J. de Wit

Google Sitemap Generator