Leo Olierook Fishing Adventures

    Homepage || Vliegvisverhalen|| Bahamas Flats Fishing op Long Island op Bonefish 2007 Deel 4
 

    
 
Bahamas Flats Fishing op Long Island op Bonefish 2007 Deel 4


Links van het eiland, liggen grote zoutafgravingen als vierkante meren met daartussen dijken met simpele weggetjes waar vroeger vrachtauto’s reden, afgeladen met zout en je die nu met je eigen auto kunt berijden.
Je moet daar goed de weg weten, want je verdwaald daar zo, en zeker als de duisternis is ingevallen aangezien er geen andere verlichting is dan het schijnsel van de maan.
In deze meren en onderlinge verbindingssloten azen kleine tarpons ( 50 – 70 cm ) en talloze barracuda’s en ze zijn allebei met pluggen aan de spinhengel te vangen.



Wat een feest is het als je een tarpon aan de dreg van je plug en aan je spinhengel krijgt.
Onmiddellijk springt hij uit het water en probeert de plug al schuddend met zijn kop kwijt te raken.
Dat lukt ook in de meeste gevallen, want de tarpon heeft een behoorlijke sterke kaak, waar je niet snel een haak in kunt krijgen.
Deze vissen zijn prachtig geschubd en je ziet ze met glimmende flanken zijdelings kantelen onder water als ze aan het azen zijn.
De zon weerkaatst dan hun zilveren kleuren.



Je moet er niet aan denken dat je een 100 ponder aan de haak krijgt, want dan ben je wel even zoet of je verspeeld de vis door het relatief te licht materiaal.
Ook de barracuda is een felle tegenstander en die blijft ook maar gaan.
Je ziet ze als een grote schaduw uit de diepte komen en pakken je drijvende plug met zo een enorme felheid, dat je vermoedt dat ze wekenlang niets te eten hebben gehad.



We konden ons daar uren mee vermaken.

Een gedeelte van de tweede week is letterlijk en figuurlijk in het water gevallen.
Het stormde behoorlijk en de regen hield maar niet op.
Het straffe weer was afkomstig van Cuba en zou enkele dagen aan gaan houden.
Dan zit je maar op veranda van de Lodge en de verveling sloeg toe.

De gidsen weigerden om uit te varen, omdat het slechte weer ineens op zee om kon slaan in een heuse storm en dan ben je de aap gelogeerd als je daar middenin zit.



Appie en ik hebben twee keer voor de heren gekookt.
We zijn zelf boodschappen gaan doen en we hebben een paar kilo kreeftenstaarten bij een lokale visser gehaald.

Een stuk goedkoper dan bij je viswinkel en ze smaakten heerlijk toen we ze hadden klaargemaakt.
Op de veranda zat Appie de aardappels te schillen en hij moest de helft weggooien omdat er veel rotte plekken in zaten en ik sneed de groenten.
Later stonden we zij aan zij in de keuken te kokkerellen.



In de tweede helft van die week knapte het weer een beetje op en konden we de gidsen met de boten gaan bellen, omdat we weer dolgraag de Bonefish aan de schubben wilden komen.

Er waren nog maar twee dagen over voor dat we naar huis zouden gaan en eigenlijk hadden we er nog geen genoeg van.
Op de allerlaatste dag ving Appie een viertal bonefish op kniediep water.
Door het slechte weer van de afgelopen dagen moesten de gidsen alles in het werk stellen om ons nog met een paar vissen tevreden te stellen en voeren van de ene naar de andere flats.



Met twee boten voeren we naar een binnenflat en liepen honderden meters zonder maar ook een bonefish tegen te komen.
Ineens zwaaide een van de gidsen met zijn armen en wenkte Appie en Peter met wilde gebaren.
Het duurde even voordat Appie op de plaats was gekomen om de gids te woord te staan, want het water was ruim kniediep en moeilijk begaanbaar.



Op aanraden van zijn gids moest hij zijn vliegenlijn op lengte brengen en zijn vlieg deponeren in de vele aanwezige muds.
Waarschijnlijk was de bonefish nog in het troebele water aan het azen en kon een lukraak aangeboden vlieg voor een aanbeet zorgen.
En dat gebeurde dus vier keer achter elkaar en Appie was de mazzelkont van de dag.

De dag brak aan om te vertrekken.
Het regende af en toe en we reden naar het vliegveldje toe waar we een verlaten huisje naast de weg tegenkwamen die door een auto was geramd.



Je zal maar net aan het douchen zijn.
Bij het passeren van enkele baaien, zagen we de aangespoelde rommel van de oceaan op het strand liggen.
Er is niemand die dit opruimt en waarschijnlijk lag dit er al vele jaren.
Een strandjutter zou er blij mee zijn geweest.



We hadden flink wat tijd over en we doken onderweg in een barretje wat langs de weg was gebouwd.
Een uit de velen, want er waren er nogal wat.
Je kon gelukkig kiezen, want er zaten bouwsels bij, met de nodige lokale bevolking, die niet zo uitnodigend keken en je waarschijnlijk maar beter kon vermijden.



Het barretje hoorde altijd bij een huis, wat naast de weg was gelegen en daar werd eventueel een hapje voor de bezoekers bereid.
Corpulente goedlachse dames met een smoezelig schort en een stoot kleine kinderen om zich heen, die een bestelling met graagte voor je klaarmaakten.
Een keer nam ik Spareribs en daar heb ik twee dagen de poeperitus Niagarawatervallis van gekregen.



Voor sommigen van ons is het vliegvissen op bonefish vermoeiend geweest, want we maakten lange dagen.
Het tijgeren door de flats is een zeer vermoeiende bezigheid en zeker als de grond zacht is.
Als je de hele dag staat te turen naar het water om ook maar een vin te ontdekken en je vliegensvlug je vliegenlijn moet presenteren als er een golf bonefish je kant op komt en je dan maar enkelen kunt haken, dan is het wachten weer op de volgende golf.

Dan waad je maar weer een stuk, eet je wat van je lunch en drink je een drankje, in de hoop dat de volgende golf met bonefish zich aanbiedt en vergeet niet, dat de zon ook je reserves opgebruikt.



Het begon weer te regenen.
Rondom het vliegveld lagen grote plassen met water, die je zonder natte voeten niet kon vermijden.
Bij het inchecken kregen we te verstaan, dat we er zelf op moesten toezien dat onze koffers ook werkelijk in het vliegtuig zouden worden geladen.
Dat vonden we vreemd, maar er werd veel gestolen van bezoekers.
We stonden dus zonder toezicht van de politie op het vliegveld, naast het vliegtuigruim te kijken of dit ook werkelijk gebeurde.
Waar blijft de veiligheid?



Later bleek onze bagage toch nog zoek te zijn op het vliegveld van Schiphol en bleek nog op Heathrow te staan.
De eerste week was perfect om te vissen op bonefish en de tweede week helaas minder door de complete storing van een omgeslagen weersomslag.
In die tweede week zijn we ook wat vaker naar de meren van de zoutafgravingen gegaan en hebben we de regen maar getrotseerd.

Fons van Westerloo en Appie de Jong


Henk Peeters, Peter Naarden en René Kok


Ondergetekende Leo Olierook

Deze groep enthousiaste vliegvissers gingen door het leven als “ La Junta Six “ een berucht en bezucht, geroemd en benoemd stel vliegvis fanatiekelingen.
En als laatste, wat hebben we o.a. nodig:
• Polaroid Zonnebril
• Waterproof Zonnebrandcrème
• Lijnclipper
• Arterie klem
• Hakenslijper
• Extra tippet materiaal
• Extra leaders en vliegenlijnen
• Twee vliegenhengels en vliegenreels
• Overhemden met grote zakken met Sun Protection
• Insect Repellent
• Camera of Filmcamera
• Lichtgewicht Regenjack
• Muskietennet
• Dozen met Bonefish vliegen
• Een pet met een brede klep en beschermklep in de nek in combinatie met een polaroid zonnebril doet eerder de vis spotten en verhoogd de kansen op meer visvangsten.
• Zomerkleding
• Waadschoenen voor koraalgrond
• Buiktasje
• Waterdicht tasje voor lunchpakket

Met dank aan : http://samsfishingtravels.com/documents/bahamas.html
Email: sammy@samsfishingtravels.com
Sammy van Seenus heeft ons een onvergetelijke vakantie bezorgd.

 
naar boven
 

© Leo Olierook Sportsfishing Adventures 2008-2012

  Webdesign by Theo J. de Wit

Google Sitemap Generator