Leo Olierook Fishing Adventures

    Homepage || Andere visverhalen|| Interview met Piet Groeneveld (1981) in Noorden-Nieuwkoop
 

    
 
Interview met Piet Groeneveld (1981) in Noorden-Nieuwkoop


Vele jaren geleden( ca. 30 jaar) zijn Ab van Ooijen (toen voorzitter van Castingclub 's Gravenhage) en ondergetekende (toen redacteur clubblad Castingnieuws) de auto ingestapt, richting Hollandsekade 6 te Noorden, waar wij een reeds lang gepland interview af zouden nemen van ons aller bekende Piet Groeneveld.

Toen we de auto tegenover zijn huis hadden geparkeerd, viel het ons weer op wat voor een rust er van deze ideale visgebieden uitstraalde.
Een reiger keek ons verstoord aan, maar maakte geen aanstalten om klapwiekend te verdwijnen en zachtjes knerste het grind onder onze voetstappen en door het gewicht van ons meegenomen opnamespullen.



Het was een van die windloze voorjaarsavonden met rimpelloze wateroppervlakken, waar je honderden insecten op zag schaatsen en glijden.
De smalle loopplank over de Hollandse kade protesteerde zachtjes piepend en krakend toen we er over heen liepen en we togen naar de bijkeuken, waar we al opgewacht werden.
Na de begroeting en een ferme handdruk, namen we plaats aan een grote keukentafel waar zes stoelen aan geschoven waren en terwijl Ab zijn opnamespullen installeerde op het dikke tafelkleed, nam ik Piet eens goed op.

Piet bleek een flinke levendige kerel te zijn, met grove handen en felle stekende ogen, die een behoorlijke pittige uitstraling hadden en zijn gezicht en nek waren verweerd door het buitenleven en zijn huid was blijvend bruin.
Zijn kortademigheid viel direct op en hij bleek last te hebben van longemfyseem.
Met de microfoon in de aanslag stelde Ab in het begin haperend een aantal vragen, terwijl ik in gedachten al het interview op papier zat uit te werken.



We zouden Piet aan het woord laten en pas vragen stellen, als we dat nodig vonden.
Verhaal van Piet:
Mijn vader begon ruim 45 jaar geleden (ca. 1935) met het verhuren van bootjes.
Hij had er toen slechts twee en er kwamen regelmatig vissers op de fiets uit Utrecht om op de brasem te vissen, vanwege het uitstekende brasembestand.
Ze sliepen in een hooiberg van een van de boeren in de omgeving en vroegen aan mijn vader of hij niet wat meer bootjes om te vissen kon aanschaffen.

Ze wisten hem te overtuigen dat er veel meer vissers waren, die graag in de polder zouden willen vissen op brasem, maar niet kwamen omdat hij zo weinig bootjes had.
Aanvankelijk had mijn vader daar geen zin in, maar hij breidde na verloop van tijd toch uit en had op een gegeven moment tien bootjes tot zijn beschikking.



Hij vroeg een kwartje per dag voor de boot en twaalfeneenhalve cent voor de dagvergunning en dat ging prima want zijn bootjes waren bijna elke week verhuurd.
Pasgeleden kwam er nog een klant, die hier al ruim 40 jaar komt vissen en dat was nog niet eens de eerste visser van toen.
Toen ik het later van hem overnam, had hij al vijftien bootjes en nu heb ik er drie├źndertig.
25 jaar geleden ben ik ermee begonnen en daarvoor was ik boerenknecht bij diverse boeren, mestte het land, melkte koeien en zo en zette regelmatig vis uit tijdens het beheer van mijn vader, want die vermoedde al dat ik het later over zou nemen van hem.

Mijn vader was lid van het bestuur van de visvereniging hier in Nieuwkoop en op een dag moest ik met hem mee, want hij stapte uit het bestuur en ik moest er in.
Eigenlijk had ik daar geen zin in, maar hij stond er op en tja, dat werd toen in die dagen door je ouders uitgemaakt.

Zo ben ik begonnen als half beroeps en sportvisser.
Vis uitzetten deed ik naar gedachten, zonder een enkele meetwaarde.
Neem bijvoorbeeld de buitenpolder, die was totaal kapot gevroren in mijn eerste huwelijksjaar en dan ga je vis uitzetten, want als er geen vis meer in zit, dan moet je toch voor je vissers zorgen.
Ik ving dan bv. zeelt in de fuiken en bracht ze dan naar de buitenpolder en zo deed je dat in die tijd.



Toen pachtte ik alles, maar nu niet meer.
De helft is mijn eigendom en de rest pacht ik nog.
Het totale wateroppervlak is ongeveer 40 - 45 Ha en er zit ook water bij waar je haast nooit komt, zoals die smalle boerenslootjes ( noot: ondergetekende dus wel, want daar zat veel ruisvoorn en snoek)
De plas bij de camping zou ik ook gekocht hebben, maar de rentevoet bleek in die tijd te hoog, anders had ik die er ook nog bij, maar ja, het zij zo.

Het viswater is er in de loop van jaren op vooruit gegaan, vergeleken bij vroeger en wij zijn ook als vereniging bezig geweest of er geen putten bij de boeren gegraven konden worden om daar hun afval in te lozen omdat iedere verontreiniging niet in het water geloosd moet worden en daar ook niet in thuis hoort.



In 1971 ben ik graskarper gaan uitzetten.
De OVB zocht water om met graskarper te experimenteren en toen we een bestuurlijke vergadering hadden in Nieuwkoop, was ik degene die direct opsprong en ik vroeg die proef als eerste aan.
De eerste vier jaar was gratis en daarna, als de proef zou lukken, dan moest ik de kosten zelf betalen.

Er is een wekelijkse en maandelijks toezicht van het OVB vanwege de waterkwaliteit.
Eerst had ik er twee plassen voor gereserveerd en later drie met ongeveer 250 kg graskarper per hectare om het water schoon te maken, maar daar kwamen we schromelijk aan tekort, want we hadden buiten de reigers en snoeken gerekend aangezien die een graskarpertje een zeer lekker hapje vinden.

t

Het snoekbestand is hier groot en snoeken van 23 - 25 pond zijn hier niks.
Toen ik de graskarpers in 1971 ging uitzetten, waren ze ongeveer 33 cm groot en nu, tien jaar later, worden er al graskarpers van 83 cm gevangen.
Als ik ze zelf moet kopen, kosten ze 9.- gulden een kilo en er zitten 4 graskarpers in een kilo, vandaar dat ze zo in trek zijn bij de snoek en reiger.

Er is tamelijk veel sterfte onder de vissen, die veroorzaakt wordt door onzindelijk handelen van de vissers die hier komen.
Als je ziet hoeveel schubben er soms in de boot liggen, dan schaam ik me weleens.
Drie weken later vind ik de vissen dood in het water drijven.
Ook het onthaken is soms niet om aan te zien.

Het was een bloedhete dag

Sommige mensen zetten hun voet op de snoek om met een ruk de dreggen uit de bek te trekken, omdat ze bang zijn voor die grote tanden in de bek van de snoek.
Die wil ik ook niet meer terug zien.
Maar ook de troep in het water en achtergelaten in de bootjes is niet meer normaal soms.
Iedereen wil graag een schoon en visrijk water, maar sommigen gaan er wel heel nonchalant mee om.

Er zijn vissers die met 7 palen brood en plasticzakken vol voer aankomen en de visgronden verzuren.


Door de Natuurbeweging is het baggeren er door gekomen, dat was prioriteit want de kwaliteit van het water ging achteruit.
We hebben een aannemer gevonden, die het baggeren op zich wilde nemen voor een bedrag van 2 miljoen gulden.
Dat kon ik natuurlijk niet betalen, maar de bodemgrond die uit de plassen zou komen, benaderde het gevraagde bedrag, als deze na indroging verkocht zou worden als mest voor de kassen.
De grond moest het bedrag dus opbrengen.



Grof gesteld is er al 75.000 m3 vaste grond uitgebaggerd en daarna gaat er weer ongeveer 22.000 m3 uit en in die tijd heb ik liever geen vissers in de polder.

Als je hier als vreemde komt vissen, dan weet je niet altijd de weg in de polder, maar dan wijs ik je de weg en plekken als je op een bepaalde vissoort gaat vissen.
Elk jaar stop ik er 150 tot 250 kilo gewone karper in, maar ook snoek en soms brasem.
De zeeltstand is eveneens uitstekend vertegenwoordigd.
Het nachtvissen sta ik toe tot 's nachts 24.00 uur en soms de hele nacht, maar niet voor iedereen.
Ik ben zeven vissers kwijt geraakt vanwege het niet meer toestaan van het nachtvissen in een bepaalde polder, want ik kreeg geen toestemming meer van de boeren in de omgeving door teveel lawaai die de vissers veroorzaakten.



Zelfs in het bestuur van de visvereniging van Nieuwkoop heb ik het nachtvissen voorgelegd en dat stootte op zoveel weerstand, dat ik het op moest geven.
Eind maart van elk jaar maak ik de bootjes in orde, repareer lekkages en zet ze in de verf en de teer.
Je moet ze goed onderhouden aangezien ze 2500.- gulden per stuk kosten.
Aasvissen heb ik ook altijd in voorraad, want daar is in de herfst en winter veel vraag naar.

Je maakt soms gekke dingen mee hoor.

Mooie rode rijder

Ik was naar de kerk geweest en zag een man zijn visspullen uit een bootje halen en op zijn motorfiets stappen.
Dat vertrouwde ik niet omdat je toen nog na het vissen voor een bootje en vergunning betaalde.
Ik er op af.
Toen ik aan hem vroeg of hij voor het bootje en vergunning wilde betalen, kreeg ik als antwoord, ik betaal niet!
Nou, zei ik, dan zal je mij hier dood moeten slaan, want je komt zonder te betalen hier echt niet weg, waarop hij gas gaf met de bedoeling om weg te rijden.

Snel plaatste ik mijn been over de voorvork van zijn motorfiets en maande hem om te betalen en ik was op dat moment in alle staten.
Toen hij uiteindelijk zei, dat hij al aan het dikke mokkel had betaald, mijn vrouw bedoelend, sloeg ik hem van zijn motorfiets.
Hij schreeuwde, dat hij nooit meer zou komen om te vissen en ik schreeuwde hem toe, dat ik hem zou verzuipen als hij nog eens zijn gezicht liet zien.


Had hij gewoon gezegd, dat hij al betaald had, dan was er niets aan de hand geweest.

Ik was een keer bezig met mijn fuiken, toen ik een klant over de rand van mijn gehuurde bootje zag hangen met zijn broek op zijn hielen om zijn behoefte te doen.
Hij schrok zo erg van mijn aanwezigheid, dat hij achterover schoot en hulpeloos, niet bij machte zich weer op te richten met zijn blote kont in het water hing.
Help, help, riep hij en ik heb hem maar een helpende hand gegeven om hem overeind te helpen.
Gelachen dat ik heb.

Toen mijn vader het bedrijf nog runde, ging in oorlogstijd alles gewoon door.

Ondergetekende op het eiland op de eerste plas

De witvis en de snoek werden door de vissers meegenomen, want er zat toch vis genoeg in het water en zo kregen de kleinere soorten ook de kans om groot te worden.
Er zit hier een buitengewoon snoekbestand aangezien er op elke vierkante meter tenminste 1 snoek aanwezig is en dan reken ik alle snoeken, groot en klein door elkaar.

Onlangs was de zwaarste snoek 117 cm en 23 pond zwaar en de zwaarste spiegelkarper 32 pond.
Ik gooi er een paar duizend snoekjes per jaar in aangezien het ruisvoornbestand hier enorm is.
Met mooi weer mag je soms wel een of twee maanden van te voren een bootje bestellen anders zit je er naast.

We namen nog een kopje koffie en spraken nog even over zijn 25 jarig bestaan en zijn 25 jarig huwelijk en hij wist ons te vertellen dat hij 25 bloemstukken had gekregen voor elk jaar een en overal uit het land kwamen mensen hun feliciteren.
Dat is een mooi iets om op terug te kijken zei Piet, en zijn vrouw, maar ook wij konden niet anders dan het beamen.


 
naar boven
 

© Leo Olierook Sportsfishing Adventures 2008-2012

  Webdesign by Theo J. de Wit

Google Sitemap Generator