Leo Olierook Fishing Adventures

    Homepage || Technieken en materialen|| Hoe maak ik een verschuifbare doodaastakel (2011)
 

    
 
Hoe maak ik een verschuifbare doodaastakel (2011)


Vorige keer hebben we een stalen onderlijn gemaakt en vandaag is een stalen doodaastakel aan de beurt.
Omdat je vaak verschillende maten aasvis hebt en je “gewone” doodaastakel vaste bevestigingspunten heeft, blijft je keuze om grotere aasvissen te gebruiken beperkt door die vaste afstand van je haken of dreggen.

Ik heb toch wel veel missers gehad, omdat de snoek de aasvis bij de staart had beetgepakt, waar dus geen dreg zat, omdat door de (te) kleine afstand van de neushaak en de dreg, de dreg alleen maar op de helft van de vis kon worden gestoken en waarbij het staartgedeelte vrij bleef van een dreg.



Logisch dat je dan missers kan krijgen als de roofvis de aasvis net aan de staart beetpakt.
Daar doe je jezelf tekort mee en er is een manier om je doodaastakel aan te passen, door een schuifbare takel te maken, waarbij je de neushaak kan verstellen zonder de takel te beschadigen.
Met weer eenvoudige middelen (zie foto boven) is zo’n takel snel gemaakt.



Ditmaal heb je een haak met teruggevouwen oog nodig, een wartel, dreg en twee sleeves.
De teruggevouwen oog van de haak is nodig om beter wrijvingsloos over de stalen lijn te kunnen schuiven.



Een stukje siliconenslang heb je straks nodig om over de stalen lijn en het oog van de haak te schuiven.
Eerst knippen we een stuk stalen draad van 50 cm van de rol.



Op de draad schuiven we eerst een sleeve en dan de dreg.



We steken het uiteinde van de draad door de sleeve, zodat er een lus ontstaat.



We pakken de draad vast en steken hem weer terug door de sleeve en nu ontstaan er twee lussen.



Je pakt nu de sleeve beet en je trekt aan de lus van de dregzijde de draad aan, waardoor de tweede lus kleiner wordt.



Door nu de sleeve vast te pakken met je ene hand en met je andere hand aan de resterende stalen lijn te trekken, dan zie je de eerste lus ook kleiner worden en de dreg zit opgesloten in de kleine lus.



De sleeve knijp je aan met de sleevetang.
Nu schuif je de haak via het oog op de draad. Het maakt niet uit hoe ver je de haak op de lijn schuift, want dat wordt je straks wel duidelijk.
Zorg ervoor dat de haakbocht naar de dreg wijst.



Direct daarna schuif je een stukje siliconenslang van ca. twee centimeter op de lijn.



Het siliconenslangetje schuif je verder over het oog en steel van de haak.



Nu kan je de neushaak verschuiven naar elke plek op de stalen onderlijn. Het gaat een beetje stroef door het siliconenslangetje, maar dat is de bedoeling anders zit de haak te los.



Het onderste gedeelte van de stalen doodaastakel is klaar en nu moeten we nog de wartel bevestigen aan de andere kant van de stalen draad.



Op de draad schuiven we weer eerst een sleeve en dan de wartel.



We steken het uiteinde van de draad door de sleeve, zodat er een lus ontstaat.



We pakken de draad vast en steken hem weer terug door de sleeve en nu ontstaan er twee lussen.



Je pakt nu de sleeve beet en je trekt aan de lus van de wartelzijde de draad aan, waardoor de tweede lus kleiner wordt.



Door nu de sleeve vast te pakken met je ene hand en met je andere hand aan de resterende stalen lijn te trekken, dan zie je de eerste lus ook kleiner worden en de wartel zit opgesloten in de kleine lus.
Ook deze sleeve knijp je aan met de sleevetang.





Je verschuifbare doodaastakel is klaar voor gebruik.
Je kunt er de kleinste aasvissen of de grotere exemplaren met gemak aan bevestigen en als je vissen nog groter zijn, dan kan je ook nog naast de haak, een extra verschuifbare dreg aan je doodaastakel bevestigen.
Zo….heb je ook weer wat te doen, anders zit je toch maar op je nagels te bijten.

 
naar boven
 

© Leo Olierook Sportsfishing Adventures 2008-2012

  Webdesign by Theo J. de Wit

Google Sitemap Generator